Waterloop in het Maasbekken
Stroomgebied

Waterstanden in het Maasbekken

De Gemeenschappelijke Maas langs de grens met Nederland, met zijrivieren als de Jeker en de Berwijn in Limburg.

Wat het peil in dit bekken bepaalt

De Gemeenschappelijke Maas vormt over een lang traject de grens met Nederland, tussen Maaseik en Kessenich. Het is een regenrivier met een groot bovenstrooms gebied in de Ardennen. Anders dan bij kanalen is er op dit grensdeel weinig kunstmatige regeling: het peil volgt vrij rechtstreeks de neerslag stroomopwaarts.

Daardoor reageert de Maas snel en uitgesproken. Hevige of langdurige regen in het Ardense en Waalse brongebied vertaalt zich enkele uren tot dagen later in een duidelijke peilstijging langs de Limburgse grens. Zijrivieren als de Jeker voeden het bekken bijkomend.

Overstromingsgevoeligheid

Na hevige regen in de Ardennen kan de Maas op korte tijd fors stijgen, zoals tijdens de overstromingen van 2021. Langs de grens zijn er ruimtelijke maatregelen en wordt de vallei plaatselijk meer ruimte gegeven om water te bergen, zodat de rivier veiliger kan uitwaaieren bij extreme afvoer.

Omdat het brongebied ver weg ligt, is er enige voorspeltijd: de piek bouwt zich stroomopwaarts op voor ze Vlaanderen bereikt. Hoe zulke pieken ontstaan, lees je in onze gids over overstromingsrisico.

Goed om weten

De Maas vraagt een ander soort waakzaamheid dan de meeste Vlaamse rivieren. Omdat haar water uit het verre Ardense binnenland komt, kondigt een hoogwater zich vaak dagen vooraf aan, maar als het komt, kan het hevig zijn. De overstromingen van 2021 maakten pijnlijk duidelijk hoe snel een grote regenrivier kan stijgen.

Langs de Limburgse grens wordt daarom ingezet op ruimte voor de rivier, zodat ze veiliger kan uitwaaieren. Voor bewoners is het opvolgen van de bovenstroomse situatie waardevol. De actuele standen bij Maaseik en elders vind je op de officiële Vlaamse waterportalen.

De Maas vraagt een vorm van waakzaamheid die past bij een grote regenrivier: rustige periodes kunnen snel omslaan na hevige regen ver stroomopwaarts. Het verre brongebied biedt gelukkig enige voorspeltijd. Wie langs de grens woont, volgt best de bovenstroomse situatie; de actuele standen staan op de officiële Vlaamse waterportalen.

Voor het actuele peil van een meetpunt verwijzen we door naar de officiële Vlaamse waterportalen. Meer achtergrond lees je in onze gids over overstromingsrisico en over hoe waterstanden gemeten worden.

Rivieren in het Maasbekken

Meetpunten in het Maasbekken

Veelgestelde vragen over het Maasbekken

Waarom stijgt de Maas zo snel?
De Maas is een regenrivier met een groot bovenstrooms gebied in de Ardennen. Hevige of langdurige regen daar leidt enkele uren tot dagen later tot een snelle peilstijging langs de Limburgse grens.
Wat gebeurde er in 2021?
In juli 2021 leidde extreme regen in het stroomgebied van de Maas tot zware overstromingen, met grote impact in Wallonië en langs de Limburgse Maas.
Wordt de Maas op dit grensdeel geregeld?
Op de Gemeenschappelijke Maas is er weinig kunstmatige regeling; het peil volgt vrij rechtstreeks de neerslag bovenstrooms.
Welke meetpunten liggen aan de Maas?
Onder meer Maaseik en Kessenich langs de Limburgse grens. Hun actuele peilen staan op de officiële Vlaamse waterportalen.
Is er voorspeltijd bij Maashoogwater?
Ja, omdat de piek zich ver stroomopwaarts in de Ardennen opbouwt voordat ze de Limburgse grens bereikt.
Toont Waterstanden.be de actuele, live waterstanden?
Nee. Waterstanden.be brengt overzicht, context en uitleg over de waterpeilen in Vlaanderen. De actuele meting van een meetpunt staat op de officiële Vlaamse waterportalen, waarnaar elke pagina doorverwijst.
Hoeveel bekkens telt Vlaanderen?
Vlaanderen is hydrografisch ingedeeld in elf bekkens, elk met een eigen stroomgebied, rivieren, kanalen en meetpunten. Je vindt ze allemaal terug in het overzicht van de bekkens.
Wat betekent een waterstand in meter TAW?
TAW (Tweede Algemene Waterpassing) is het Belgische hoogtereferentievlak. Een waterstand in meter TAW geeft de hoogte van het wateroppervlak boven dat nulpeil. De betekenis hangt af van de lokale drempels van het meetpunt, niet van het kale getal.